Veel moeders willen naast borstvoeding ook een voorraad moedermelk opbouwen. Bijvoorbeeld omdat ze weer aan het werk gaan of omdat iemand anders af en toe een voeding kan geven.
Als je begint met kolven kan de opbrengst tegenvallen. Misschien kolf je minder melk dan je had verwacht en vraag je je af of dit normaal is.
In dit artikel lees je wat je kunt doen wanneer je te weinig melk kunt kolven en welke factoren invloed hebben op de melkproductie.
Waarom kolven anders werkt dan drinken aan de borst
Borstvoeding geven en kolven zijn twee verschillende dingen. Een baby stimuleert de borst namelijk op een andere manier dan een kolf.
Als een baby aan de borst drinkt gebeuren er drie dingen tegelijkertijd:
- De baby zuigt de borst aan om goed op zijn plaats te blijven.
- De tong masseert de overgang van tepel naar tepelhof.
- De onderkaak beweegt naar beneden om onderdruk te creëren waardoor melk kan stromen.
Een borstkolf probeert deze bewegingen na te bootsen, maar een baby stimuleert de borst dus effectiever. Daardoor kan het zijn dat de baby meer melk drinkt dan je met een kolf kunt afkolven.
Stappenplan als je te weinig melk kunt kolven
Ontspanning helpt de toeschietreflex
Om melk te kunnen kolven moet eerst de toeschietreflex op gang komen = de melk laten stromen. Dit proces wordt aangestuurd door het hormoon oxytocine.
Oxytocine komt vrij als je ontspannen bent of als je contact hebt met je baby. Stress werkt juist tegen. Wanneer je stress ervaart maakt het lichaam adrenaline aan. Adrenaline blokkeert de werking van oxytocine waardoor de melk minder goed stroomt.
Het kan helpen om tijdens het kolven:
- in een rustige omgeving te kolven
- een foto of video van je baby te bekijken
- aan een kledingstuk van je baby te ruiken
Warmte kan de melkstroom stimuleren
Warmte kan helpen om de melkstroom op gang te brengen. Door de borst of tepel kort te verwarmen voordat je gaat kolven kan de doorbloeding verbeteren en kan een toeschietreflex makkelijker optreden.
Je kunt bijvoorbeeld gebruiken:
- een warm washandje
- een kersenpitkussentje
- een warm kompres
- handverwarmertje in je bh
Er bestaan tegenwoordig ook borstkolven die warmte integreren in het kolfsysteem. Tijdens het kolven wordt de borst dan licht verwarmd, wat kan helpen om de melkstroom beter op gang te brengen.
Controleer de maat van het borstschild
Iedere moeder is anders gebouwd. One size fits all gaat niet op bij borstschilden. Aangezien je vacuüm moet opbouwen is het belangrijk dat het schild de borst goed omsluit en dat de tepel mooi in de tunnel past. Wanneer het niet past, is er onvoldoende stimulatie op de overgang van tepel naar tepelhof en kan het de melkstroom niet op gang houden. Ga naar de pagina: Welke Maat Schild om te lezen hoe je een tepelmaat opneemt en de juiste maat schild gebruikt.
Het kan dus heel goed zijn dat je aan de ene borst een andere maat nodig hebt dan aan de andere. Je hebt namelijk ook niet twee dezelfde grootte handen of voeten.
Krijg je een toeschietreflex als je de kolf gebruikt?
De meeste borstkolven hebben verschillende programma’s om de melkstroom te stimuleren.
Veel kolven hebben bijvoorbeeld:
- een stimulatiestand,
- een afkolfstand,
- een combinatieprogramma.
Een praktische manier van kolven is om eerst te starten met stimulatie. Zodra de melk begint te stromen kun je overschakelen naar de afkolfstand en daarbij het hoogste comfortabele vacuüm gebruiken. Je hoeft niet te wachten totdat je kolf zelfstandig overschakelt. Schakel handmatig over als je merkt dat je melk gaat stromen.
Als je borst leger raakt kan het helpen om opnieuw kort te stimuleren. Lees hier meer over je Toeschietreflex.
HERKEN JE JEZELF IN DE GRIJZE LIJNEN?
√ Begin met het stimuleren van de melkstroom.
√ Gebruik de hoogst comfortabele kracht/vacuüm. Is het irritant? Ga een standje lager.
√ Als de melk begint te stomen schakel je over naar de afkolfmodus. Hier kies je weer het hoogst comfortabele vacuüm/kracht.
√ Irriteert dit je? Ga een standje lager.
√ Zodra de melk gaat stromen, schakel je over naar de afkolfmodus en wacht je NIET totdat die automatisch gaat. Schakel metéén over om van de TSR gebruik te maken.
√ Als de borst leger raakt, is het handig om het combinatieprogramma te gebruiken. Je hoeft dan niet zelf tussen stimulatie en afkolfmodus te wisselen. Jouw baby zal ook een aantal keer stimuleren voordat die een slok kan nemen zodra de borst leger raakt.
Gebruik het combinatieprogramma.
Lijkt het alsof de motor niet voldoende kracht heeft? Dat zal veroorzaakt worden door een aantal dingen:
- Als de kolfschilden niet passend zijn dan ERVAAR je de kracht van de motor heel anders dan dat de motor ingesteld is. De kolfmotor doet wel wat die moet doen maar de kolfschilden moeten aangepast worden om een goed vacuüm te halen. Controleer de tepelmaat.
- De kolfset is stuk of versleten. Er kan ergens een luchtlek zijn ontstaan omdat de onderdelen (ventiel of diafragma) zijn versleten door veelvuldig gebruik.
- De kolfmotor is versleten.
- Sommige kolven hebben een goed vacuüm als je ze enkelzijdig gebruikt. Wanneer je dezelfde kolf dubbelzijdig gaat gebruiken, zal die het vacuüm over twee kolfsets verdelen. Logischerwijs valt het vacuüm dan ook naar beneden. Misschien is het vacuüm/kracht dan net niet voldoende om jouw melkstroom op gang te houden. Zet dan de kracht hoger.
Je kunt bij MoM&e jouw kolf en kolfsets laten doormeten om te zien of die nog voldoende kracht behalen (klik).
Melkproductie en hormonen
De melkproductie wordt gestuurd door een samenspel van verschillende hormonen. Het belangrijkste hormoon voor de melkproductie is prolactine.
Je hebt een bepaalde prolactinespiegel in het bloed nodig om de melkproductie in stand te houden. Als de borsten worden geleegd door een baby of een kolf geeft het lichaam een hormonaal signaal af.
Ongeveer een half uur na het begin van een voeding of kolfsessie bereikt de prolactinespiegel een piek. Dat hormoonsignaal helpt het lichaam om weer melk aan te maken voor een volgende voeding. Als je net bevallen bent, is er een overvloed aan hormonen die de melkproductie aansturen:
-Jouw lichaam weet nog niet hoeveel kindjes je hebt gekregen en past zich naar verloop van tijd aan de behoefte van de baby aan.
-In de komende maanden dalen de hormoonspiegels en heb je geen ‘Free Ride’ meer; de baby stuurt jouw melkproductie aan.
De eerste periode na de bevalling had je melk in overvloed en dat lijkt nu niet meer zo te zijn. De borst maakt nu alleen nog melk aan die er ook uit gehaald wordt.
-Hoe leger de baby of kolf de borsten leeg maakt, des te meer melk je weer terug aanmaakt.
-Let op: sommige moeders merken aan hun melkstroom of toeschietreflex dat ze een eisprong hebben of dat ze menstruatie moeten gaan krijgen. De melkstroom kan tijdelijk een stuk trager zijn. Dit kan opgelost worden door te CLUSTERVOEDEN OF POWER PUMPING & EEN SUPPLEMENT VAN CALCIUM EN MAGNESIUM (klik)
Om je TOESCHIETREFELX TE BEVORDEREN (klik) kan je aan jouw huisarts vragen of je een oxytocine neusspray mag gebruiken (alleen op recept verkrijgbaar).
Calcium, vitamine D en melkproductie
Calcium speelt een rol in verschillende processen die betrokken zijn bij de melkproductie. Tijdens de borstvoedingsperiode gebruikt het lichaam calcium voor de productie van moedermelk.
Voor een goede calciumhuishouding is vitamine D belangrijk. Vitamine D helpt namelijk bij de opname en regulatie van calcium in het lichaam.
Het lichaam maakt vitamine D aan onder invloed van zonlicht. Daarom is het belangrijk om regelmatig buiten te zijn. Hoeveel zonlicht nodig is hangt onder andere af van:
- je huidskleur,
- het seizoen,
- de regio waar je woont,
- hoeveel huid wordt blootgesteld aan zonlicht.
In noordelijke landen zoals Nederland kan het daardoor voorkomen dat sommige mensen met een donkerdere huidskleur een lagere vitamine D-status hebben en dus meer buiten moeten komen om voldoende vitaminde D te kunnen opnemen.
Insuline en melkproductie
De borstklier heeft insuline nodig om melk te kunnen aanmaken. Insuline helpt de melkproducerende cellen om voedingsstoffen om te zetten in moedermelk.
Wanneer er sprake is van insulineresistentie kan dit proces minder efficiënt verlopen. Insulineresistentie wordt vaak geassocieerd met overgewicht, maar het kan ook voorkomen bij slanke mensen en is daarom niet altijd duidelijk zichtbaar.
Mogelijke signalen zijn:
-
snel weer honger na het eten
-
sterke trek in suiker of koolhydraten
-
energiedips of slaperigheid na maaltijden
-
moeite met afvallen
-
vermoeidheid of concentratieproblemen
Deze signalen betekenen niet automatisch dat er sprake is van insulineresistentie. Wanneer er twijfel is kan een arts dit onderzoeken met bloedonderzoek.
Invloed van de schildklier
De schildklier speelt een belangrijke rol in het hormonale systeem van het lichaam. Schildklierhormonen helpen onder andere bij de regulatie van hormonen zoals prolactine en oxytocine.
Na een zwangerschap kan de schildklier tijdelijk uit balans raken. Soms herstelt dit vanzelf, maar bij sommige vrouwen kan dit invloed hebben op energie, gewicht en melkproductie.
Signalen die hierop kunnen wijzen zijn bijvoorbeeld:
- geen gewichtsverlies na de bevalling
- juist zeer snel gewichtsverlies
- extreme vermoeidheid
Wanneer er twijfel is kan een arts de schildklierfunctie controleren met bloedonderzoek.
Praktische tips om meer moedermelk te kolven
Hieronder nog een aantal tips voor wat extra moedermelk.
*Neem voldoende rust en slaap. Na een slaapperiode is het prolactine gehalte in jouw lichaam hoger en zal er ook meer melk zijn. Dutjes doen is absoluut aangeraden en zeker geen bakerpraatje.
*Laat baby in de ochtend drinken en kolf na als baby de borsten niet heeft leeggedronken.
*Kolf de borsten éérst en leg dan pas jouw baby aan de borst. Omdat baby een andere techniek gebruikt dan een kolf zal het kindje zeker nog melk drinken. Als baby niet meer voldoende kan drinken dan ga je wisselvoeden (in plaats van 2 borsten biedt je er 4 aan).
*Geef baby een borst en kolf de andere tegelijkertijd. Na het kolven leg je baby aan de gekolfde borst (en weer terug aan de eerste als die niet voldoende tevreden is).
*Als je kolft, gebruik dan ook borstcompressie om de borsten goed te legen. Begin dubbelzijdig te kolven en aan het einde van de kolfsessie ga je enkelzijdig met compressie verder.
*Neem een kwartiertje rust, masseer de borsten en start opnieuw met kolven. Het kan zijn dat je de borsten om en om (dus een voor een) moet kolven voor de meeste melkopbrengst. Ga CLUSTERKOLVEN (klik).
*Kolf de borsten nog na met de hand als je een elektrische kolf hebt gebruikt. Vaak kan je met de MARMET TECHNIEK (klik) nog 20 cc nakolven. Check vooral de VIDEO’S VAN STANFORD UNIVERSITY (klik).
*Gebruik bij elke voeding die je live aan de borst geeft een SILICONE LEKSCHAAL | BORSTKOLF (klik). De melk die je opvangt, kan je gebruiken als aanvulling op de melkvoorraad die je al hebt en het lichaam krijgt een signaal dat er méér melk nodig is.
Sommige moeders gebruiken KRUIDENMENGSELS OM HUN MELKPRODUCTIE TE ONDERSTEUNEN (klik). Je kunt deze als thee of als capsule gebruiken. Kruidencapsules zijn hoger gedoseerd dan thee. Als je thee gebruikt, heb je wel kans dat je daar erg veel van moet drinken om effectiviteit te merken.
Mocht je nog steeds melk te kort komen dan mag je natuurlijk altijd jouw moedermelk aanvullen en/of mengen met DONORMELK (klik) of kunstvoeding.
Succes!